Het is warm, heel erg warm. Je hebt de hele dag gewerkt en zit in de auto op weg naar huis. Je belt maar eens naar huis. “Dag schat, ik heb een heerlijke maaltijdsalade gemaakt, lekker met geitenkaas en pijnboompitjes”. Godverdegodvergodver, sla!! Met dit weer moet de fik d’r in. Barbecue aan en worsten d’r op.
Maar voor vandaag ben je te laat, een wijze les voor morgen. Je hebt in ieder geval nog tijd om even bij de supermarkt te stoppen, kan je nog wat bier halen. Maar ja, wat dan? Wat kan dat konijnenvoer nog een beetje draagbaar maken? Je staat voor het schap. Een donker bier zoals een Kasteel Bruin? Nee, te zwaar. Een dubbel dan, er staat een Westmalle dubbel. Nee, laten we dat maar niet doen. Een tripel dan? Hm, dat komt redelijk in de buurt. Maar nog niet helemaal, te bitter.
Maar dan heb je het, een mooi Duits Weizenbier. Bijna alle supermarkten verkopen wel Franziskaner , Paulaner of Weihenstephaner . Een gewoon witbier zou ook prima gaan. Zelfs La Trappe maakt een witbier. Daar sta je dan te wachten voor de kassa. Waarom is Weissbier zo’n mooie combi met salade?
Tsja, het is zurig, wat mooi combineert met een dressing. Weissbier is fruitig, das ook lekker met salade. Probeer het maar eens, aardbeien in een groene salade is heerlijk. En om het allemaal af te maken zijn Weissbieren nog eens vol met koolzuur. Wat doet koolzuur in godsnaam voor de smaak? Helemaal niks, maar wat het wel doet is vettigheid oplossen. Dus als je die geitenkaas naar binnen werkt en je mond voelt als de golf van Mexico, neem een flinke teug bier. Al die bubbels schrobben alles mooi schoon en klaar voor nog een hap (of slok).
Dus als je de avond nog een beetje wilt redden koop Weissbier. Beter voor jou en beter voor je relatie.
En? Nog stoer in de kroeg staan vertellen over de biertsunami? Goed ontvangen natuurlijk. Al je vrienden lachen en nog een biertje genomen. Maar je hebt maar zoveel vrienden, en na een tijdje hebben die je verhaal al tig keer gehoord. Wees niet bang, zoals afgesproken nog een stoer biergeschiedenis kroegverhaal.
Stel je voor, je bent Engelse soldaat in de tweede wereldoorlog. Je generaal bedenkt een plan en houdt een vlammende speech. Langzaam dringt het tot je door. Jij moet, vanuit een gammel bootje tot de nok toe gevuld met soldaten, een strand oprennen. Dat met volledige bepakking en door de branding. Veilig in de duinen zitten Duitsers met grote machinegeweren die je op hun gemak neermaaien.
Maar je bent Engels en je bent soldaat dus met een stiff upper lip worstel je een Frans strand op. En dan overleef je het ook nog eens. Je bent de Duitsers voorbij en zit in een een Frans kustgebied. Persoonlijk kan ik me heel goed voorstellen, dat je na een dag flink oorlog voeren flinke trek in een pint hebt. Vast hele aardige mensen die Fransen, maar brouwen kunnen ze niet. Als generaal heb je een flink probleem, dorstige soldaten en geen bier.
Engelsen zien echter geen problemen, die lossen dat soort dingen op. Geen brug te ver voor de Tommy’s. Hoe krijg je bier in vijandelijk gebied? Met een fust op je nek de oorlog in, is niet optimaal. Infiltreren en in Frankrijk zelf brouwen duurt te lang. Daarbij valt het nogal op. Een Engelsman met een alpinopet en een stokbrood onder zijn arm die bier aan het brouwen is? Dat zou zelfs de Duitsers nog opvallen.
Er zit maar een ding op dan. Je vliegt het bier Frankrijk binnen. En dat doe je met het vliegtuig wat voorhanden is. In dit geval Spitfires. Een briljante Engelse ingenieur heeft om te beginnen een van de kerosinetanks omgebouwd tot een enorm fust. Gelukkig is het een klein stukkie naar Frankrijk, dus dat kan ook op een tank. Het bleek alleen wel dat de soldaten wat klachten hadden over de kerosine nasmaak in hun bier.
Dus dan maar iets ander bedenken. Eigenlijk was het antwoord simpel: je schroeft de bommen eraf, daarna schroef je de fusten er op. Dat zijn pas echte bierbommen. De Duitsers nog steeds doodsbang en de Engelsen dolgelukkig.
Geen wonder dat de Duitsers verloren hebben. Een Messchersmitt met een fust Weizen eronder en we spraken nu allemaal Duits.
Ik wou dat ze daar in het huidige leger wat meer rekening met dit soort zaken hielden. Of zouden ze bij de ontwikkeling van de JSF hier ook rekening mee houden? Niks geen sidewinders, gewoon een fust Brand Up onder de vleugels!
Misschien had je het al eerder begrepen. Wij drinken graag een Konickje. En ook vaak. Want een De Konick is altijd lekker. Thuis, in de kroeg of het restaurant. Als iemand anders een pilsje bestelt, kiezen wij regelmatig voor een Konickje.
De Koninck is ook het lekkerste in zijn soort. Veel minder zoet dat een Palm en lekker verfrissend. En toch maar 5% alcohol zodat je er nog eentje kunt nemen. Wat is het leven toch mooi met dit soort lekkere niks aan de hand bieren.
Maar helaas is er wél wat aan de hand. Er is iets mis met De Koninck. Was het je al eens opgevallen? Die flesjes zijn eigenlijk altijd een beetje scharrig. Het etiket zit er nooit goed op. Het draagkartonnetje op het sixpack is lelijk en onhandig. De Koninck heeft niet echt de uitstraling van een lekker bier.
Het lijkt alsof we niet de enigen zijn die dat vinden. De laatste tijd moeten we steeds beter zoeken naar De Koninck. Ze verdwijnen uit steeds meer supermarkten. Verbannen naar slijters. En dan niet eens alle slijters. Een lichte paniek maakt zich van ons meester. Moeten we straks naar Antwerpen toe voor ons bolleke?
Het gaat niet zo goed met De Koninck. De brouwerij slaagt er niet in om marktaandeel vast te houden in een krimpende biermarkt. Geheel terecht doet De Koninck geen concessies aan het karakter van hun bier. Maar de nieuwe bieren slaan niet aan en nieuwe doelgroepen zijn er blijkbaar ook niet.
Hoe komt dat? In Nederland kennen we De Koninck al sinds de jaren tachtig. Zijn we erop uitgekeken? Misschien niet maar de brouwerij sluit ook niet echt meer aan bij de nieuwe consument. Als nieuwe bieren lanceerde De Koninck bijvoorbeeld een winterbier en een tripel. Dat zijn nou niet echt de biersoorten waar we gebrek aan hebben in een krimende markt.
Inmiddels is De Koninck een overnameprooi geworden. Heineken en Duvel strijden om de Antwerpse brouwerij. En natuurlijk steken er dan weer allerlei romantische en nationalistische gevoelens op. Maar zijn die wel terecht?
Zowel Heineken als Duvel weten hoe ze de identiteit van de brouwerijen die ze overnemen, kunnen versterken. Brand is dankzij Heineken een sterker merk dan ooit en ook Achouffe floreert onder Duvel. Een nieuwe eigenaar zal wel gek zijn om te toornen aan het Antwerpse karakter van De Koninck. Een overname is dus misschien juist wel wenselijk voor De Koninck.
Wij willen een diverse biercultuur en veel bijzondere smaken. En het liefst leuke authentieke brouwerijen. Maar we moeten ook realistisch zijn. De Koninck kan niet voor eeuwig kwijnen en een sterke moeder kan dit merk weer laten bloeien. Door het weer de supermarkt in te krijgen. Met een mooi etiket. En een handig draagkartonnetje. En met die heerlijke, bittere, verfrissende smaak.
Op school leren ze je een hoop. Ze leren er je ook een hoop niet. Sterker nog, de echt leuke dingen kom je op school niet te weten. We pikken het niet langer en gaan er wat aan doen.
Er zijn gewoon dingen die je moet weten. Anders sta je in de kroeg maar met je bek vol tanden. We gaan jullie de echt belangrijke dingen uit de geschiedenis leren. Dan heb je tenminste nog stoere verhalen in de kroeg. Wees nou eerlijk, dat is toch de enige reden waarom je iets onthoudt?
Londen, eind van de 18e eeuw. In die tijd brouwden ze in Londen voornamelijk porter. En ze hadden in die tijd nog geen sportauto’s. Dan moet je als succesvolle brouwer je mannelijkheid op een andere manier laten zien. En ze hadden de perfecte manier gevonden: biervaten.
De porter werd opgeslagen in enorme biervaten. Jaja, enorme biervaten, zeg je. Een paar honderd liter hooguit, denk je. Fout, de vaten hadden een inhoud van 511.920 liter. Dat is nog eens wat anders dan een Ferrari. De vaten waren zo groot, dat toen ze leeg waren er diners in werden georganiseerd. Niet een klein intiem etentje, nee 200 gasten konden uitgebreid zitten en copieus eten en vooral drinken natuurlijk.
In 1814 had Meux’s brewery twee van die vaten staan in het centrum van Londen. De vaten stonden op het dak en waren 7 meter hoog. En ze zaten tot aan de nok toe vol met porter. Kun je het je voorstellen? Meer dan een miljoen liter bier bovenop een gebouw midden in de stad.
Die vaten werden toen gemaakt van hout. Het was een beetje een zeer groot uitgevallen wijnton, je weet wel met van die metalen banden eromheen. Op een dag in 1814 ontdekte een werkman dat er een klein barstje zat in een van die metalen banden. Zo’n band woog meer dan 250 kilo en hij was dan niet echt ongerust.
En dat is nou een van die momenten in de biergeschiedenis, een barst in een band van een vat met een half miljoen liter bier. Je kan het uittellen. Met een enorme knal, die volgens zegge 8 kilometer ver te horen was, barstte een van de vaten. Als een soort Bier Domino D-day barstte het vat ernaast ook.
Maar dan stroomt al dat bier toch weg? Juist, en niet zo’n klein beetje ook. Meer dan een miljoen liter porter door de smalle straatjes van Londen. Whoehoe, gratis bier!!! Nou niet helemaal. Met die hoeveelheid is het meer een tsunami van bier die op je afkomt. Acht mensen zijn gestorven door verdrinking in bier. Na deze eerste golf van doden is er nog iemand overleden aan een alcoholvergiftiging door al het gratis bier.
En om het af te maken nog een laatste golf. De lijken werden overgebracht naar een woning in de buurt om later te begraven. Veel mensen wilden graag zien hoe iemand er uit zag die verdronken was in bier (waarschijnlijk met een grote glimlach op het gezicht). En tjsa, als je geld kunt verdienen waarom niet? De eigenaar van de woning heeft entreegeld gevraagd. Helaas bleek zijn bovenverdieping niet berekend op deze grote bezoekersaantallen. Zijn huis begaf het dan ook en daarmee is de laatste golf overleden. Dat zal ze leren.
Dus je ziet, geschiedenis kan best leuk zijn. Volgende keer: bier tijdens de tweede wereldoorlog.
Het lijkt misschien nog ver weg maar voor je het weet is het zover: vakantie. Daar ga je weer. Met zijn allen naar een warme plaats waar ook veel andere mensen zijn. Je gillende kinderen kun je nu niet meer dumpen bij opvoedprofessionals. Je kunt niet meer zeggen dat je moe bent als je partner wilt praten. Tijd om veel bier te drinken dus.
Hoe gaan we dat doen? Als je in een hotel of iets dergelijks zit ben je veroordeeld tot de bar. Als naar een huisje of tent gaat, kun je naar de supermarkt. En wat koop je dan in verre vreemde landen? Tijd voor de
bestetotnutoe campingbiergids!
Eerst wat basisprincipes. Je hebt iets om de boel koel te houden. Een koelkast in caravan of tent, een koelbox, of een koeltas. Of een rivier. Als je dat niet hebt kun je net zo goed stoppen met drinken. Of, en dit is een absolute noodgreep, overgaan op wijn.
Verder gebruik je gewoon blik. Dat is tegen onze principes maar op vakantie doe je al zoveel concessies, dit kan er ook nog wel bij.
Met deze principes in de hand kun je in bijna elk land wel iets vinden om je door de vakantie heen te helpen: een overzicht.
————————————————————————————————————————————- Nederland
Gezien het weer spelen je koelproblemen hier het minst. Vrijwel alle pils is ook in blik te krijgen dus je zit goed.
Wel doen:Palm uit blik. Valt je vakantie serieus tegen en wil je alleen maar heel erg dronken worden, vergrijp je dan aan een van de vele varianten zwerversbier die ons land rijk is.
Niet doen: Leffe verkopen ze ook in een blik en is ook daarin vies.
————————————————————————————————————————————- België Zie Nederland
Wel doen: Fuck it, je houdt dat blik toch niet vol. Koop een fatsoenlijk glas en ga los met Belgisch bier uit een mooi flesje. Waarom ben je er anders naar toe gegaan?
Niet doen: Belgen kunnen veel soorten bier erg goed brouwen. Pils maken kunnen ze helaas niet. Blijf weg van Jupiler, Maes en andere viezigheid
————————————————————————————————————————————- Frankrijk Franrijk heeft weinig bier en het is meestal vies. Nationale trots is Kronenbourg dat alleen lekker is bij een drinktemperatuur van minder dan 5 graden en een omgevingstemperatuur van meer dan 28 graden.
Wel doen: 1664. Ook van Kronenbourg maar wel drinkbaar. Ook Heineken is overal te krijgen. Verder: speciaalbier uit Frans-Vlaanderen.
Niet doen: lokaal speciaalbier uit andere plekken dan Frans-Vlaanderen. Fransen hebben andere talenten dan bier brouwen.
————————————————————————————————————————————- Spanje
Lokaal supermarktbier is chronisch slecht. Beter is om te vluchten in het algemeen verkrijgbare Aguila (Amstel) of Heineken.
Wel doen: zoeken naar lokale A-merken, zoals Estrella. Die zitten dan wel in een flesje.
Niet doen: A-merken in blik. Dat zijn geen A-merken
————————————————————————————————————————————- Duitsland Paradijs voor de liefhebber van blik, en pils met weinig smaak. Supermarkten staan er vol mee en tussen de merken proef je nauwelijks verschil. Ook nog erg goedkoop. 50cl is de norm dus weinig gevaar voor nuchterheid tijdens je vakantie.
Wel doen: gewoon naar de Lidl of de Aldi. Ook daar hebben ze A-merken
Niet doen: hannessen met Weize en andere speciaalbieren. Leuk voor thuis of op het terras maar niet voor op de camping. Je hebt de glazen niet, de flessen zijn te groot en dan valt het toch weer tegen.
Het is weer zover, de haring is er. Ineens staat heel Nederland op zijn kop. Een vat met visjes en de wereld is te klein. Persoonlijk heb ik liever een vat met bier maar goed, smaken verschillen.
Het mooie aan haring is dat al die druivensnobs hier met hun mond vol tanden staan. Er is eigenlijk geen wijn te vinden om bij haring te drinken. Wij moeten daar altijd om grinniken want wij houden niet van wijn. Maar wat drink je er dan bij? Traditioneel drink je er jenever of aquavit bij. Dat vinden nou wel weer lekker.
Maarja, uiteindelijk is bier nog veel lekkerder. Oke dan, bier bij de haring: hoe gaan we dat aanpakken? Haring is vol en vet, daar drink je geen zwaar en vol bier bij. Twee slokken en je hoeft niet meer. Je proeft dan trouwens al helemaal niks meer. Het vet zorgt voor een laag in je mond waardoor je weinig smaken meer doorkrijgt.
Goed, niks zwaars dan. Een pils dan? Zou kunnen, zou heel goed kunnen. Maar dan loop je een beetje tegen het bittere aan. Haring en bitter gaan niet zo heel goed samen. Laat je niet ontmoedigen, samen komen we er wel. We zoeken iets niet te zwaar en niet te bitter.
Een witbiertje wellicht? Nee, niet doen. Een witbier is daar te flauw voor, je neemt een hap haring en je proeft niks meer van je witbier. Hm, er blijft steeds minder over. Maar geloof ons, we vinden wel iets.
Er is namelijk een bier wat heel goed gaat bij haring. Als je echt iets lekkers wilt drinken bij haring pak dan een mooie Geuze. Licht, niet bitter en zuur genoeg. De vetlaag in je mond verdwijnt door het zuur. Geloof je ons niet? Probeer maar eens met een pan met vette jus: knijp er een citroen boven uit en kijk wat er gebeurt. Na elke hap een slok en je waant je in de zevende hemel.
En het mooie is dat geuze nog goed te krijgen is ook. In een beetje supermarkt is wel een Mort Subite te vinden. Als je een beetje je best doet is een Liefmans ook te vinden. Dus, ren naar die kraam, koop die krengen en open met die fles. Als je goed oefent schenkt je hem binnenkort ook zo in.
Als je er goed over nadenkt, dan heeft Nederland maar één echt speciaalbier: Gulpener Dort. Toen de pilsrevolutie onze biercultuur verwoestte, droeg de Dort in zijn eentje het vaandel van de speciaalbieren in Nederland. Gelukkig zijn er de laatste jaren weer bieren bijgekomen maar deze klassieker wordt al gebrouwen sinds 1953.
Als je een Dort inschenkt, let dan eerst even op de schuimkraag. Die is namelijk gelijk weg. De donkergele kleur is ook niet zo boeiend. Gelukkig scoort de Dort wel op de punten die echt belangrijk zijn: geur en smaak.
Een Dort ruikt lekker kruidig. Koriander enzo en je hebt gelijk zin om een slok te nemen. En dat moet je dan ook meteen maar doen. Want een Dort is gewoon lekker. Echt lekker. Niet te zoet maar niet te bitter om je dat heerlijke gevoel te geven dat je een speciaalbier drinkt.
Een speciaalbier dus. Met best wel een complexe smaak. Normaal drinken wij ons speciaalbier erg aandachtig. Maar waar zagen we de Dort altijd terug? In ruige kroegen met gokkasten en grote asbakken op tafel. Sigaret en darts in de ene hand, een Dortje in de andere.
En dat kan ook want een Dort is verkoelend. Niet vervelend zoet, niet te ingewikkeld. Dat komt omdat een Dort een Dortmunder is. Laaggistend, net als pils. Maar een Dort is veel leuker dan een pilsje. En zwaarder dan bijvoorbeeld een palmpje maar nog wel dorstlessend.
Zo zien wij onze Dortjes: Nederlands speciaalbier. Niet te moeilijk, lekker voor de dorst en veel te goed om achteloos achterover te slaan.
Je ziet ze altijd staan in de supermarkt. Je loopt er ook elke keer langs. En geef toe, ergens ben je best nieuwsgierig. Maar wat als iemand je ziet met die dingen in je mandje? Wat nou als de caissière een bekende van je is? Het kan gewoon niet. Het kan gewoon echt niet. Maar de nieuwsgierigheid blijft branden.
Oke, wij doen het wel weer voor je. Bestetotnutoe heeft zijn betere helft geregeld en die is naar de supermarkt gegaan en heeft ze gekocht. De halve liter blikken zwaar, vaag en vooral goedkoop bier. Ja je weet wel wat we bedoelen, de Bavaria’s 8.6en, de Grolsch Kanonnen en de Amsterdam Maximators (stiekum ook van Grolsch) van deze wereld. En ja, ze kwam bekenden tegen. Maakt niks uit, dit doen we voor jullie.
Eigenlijk zijn er maar drie dingen te melden. Wat, waarom en voor wie.
We beginnen met het wat. Want wat is het nou eigenlijk? Het zijn zware ondergistende bieren. Ze zijn blond of net iets donkerder. Er zit een aardige schuimkraag op. Je ruikt de alcohol en dat is niet zo gek want dat zit er met grote hoeveelheden in. De smaak is zoet, plakkerig en ronduit smerig. Met het wat zijn we snel klaar. Wat mij betreft spoel je het door de plee.
Maar nu worden de twee andere vragen een stuk boeiender: waarom en voor wie? Het is niet voor de doorsnee pilsdrinker, die neemt gewoon een pijpje. Het is niet voor de echte bierkenner want die drinkt dat bocht niet. En alles wat daartussen zit zou het eigenlijk ook niet moeten drinken.
Eigenlijk blijft er maar een doelgroep over: zwervers en alcoholisten. Het is goedkoop, is makkelijk te vervoeren en je bent in no time dronken. Zwervers en alcoholisten boeit het toch geen meter als ze bekenden tegenkomen. Die bekenden zijn meestal ook dronken. En voor de prijs hoeven ze het ook niet te laten. Een goedkope fles jenever kost al snel € 9,-. Voor dat geld heb je snel 7 blikken Amsterdam Maximator.
Zwaar bier in blik, de keus voor de kostenbewuste alcoholist.